Actueel

Waardering maatschapsaandelen
Erfbelasting wordt geheven over de waarde van een nalatenschap. Bij de vaststelling van de waarde van een erflater die in gemeenschap van goederen was getrouwd, moet eerst de waarde van deze gemeenschap worden bepaald. De waarde van de nalatenschap bedraagt de helft van de waarde van de door het overlijden ontbonden gemeenschap van goederen.
Uit rechtspraak van de Hoge Raad volgt dat de in gemeenschap van goederen gehuwde echtgenoot van een ondernemer die deel uitmaakt van een maatschap of een vennootschap niet is gerechtigd tot de vennootschappelijke goederen. Tot de huwelijksgemeenschap behoort de waarde van het maatschapsaandeel. Hof Arnhem-Leeuwarden verwees naar deze jurisprudentie bij de bepaling van de nalatenschap van een ondernemer die zijn onderneming dreef in maatschapsvorm met zijn echtgenote. Zij waren getrouwd in gemeenschap van goederen. De erflater was gerechtigd tot de waarde van het maatschapsaandeel van zijn echtgenote en vice versa. Het hof wees het betoog van een van de erfgenamen, dat bij het bepalen van de omvang van de nalatenschap de waarde van het aandeel in het ondernemingsvermogen van de echtgenote niet relevant is, af.
Bij de waardering van het maatschapsaandeel moet worden uitgegaan van de waarderingsgrondslagen uit de maatschapsovereenkomst. Het gaat dan met name om de bepalingen die de gevolgen van liquidatie van de onderneming, uittreden uit de maatschap of overlijden van een van de maten regelen. Een verblijvings- of voortzettingsbeding beïnvloedt de waarde van het maatschapsaandeel en daarmee de waarde van de huwelijksgemeenschap. In dit geval bevatte de maatschapsovereenkomst een voortzettingsbeding. De echtgenote maakte daarvan gebruik. De inspecteur berekende de waarde van het maatschapsaandeel van de erflater op de overnamewaarde. De waarde van het maatschapsaandeel van de echtgenote berekende de inspecteur niet op de overnamewaarde, maar op de hogere liquidatiewaarde. Volgens het hof was dat terecht omdat de maatschap door het overlijden van de erflater is ontbonden en de echtgenote niet meer verplicht was haar onderneming door een ander te laten overnemen tegen de overnamewaarde. De waarde van het maatschapsaandeel van de echtgenote moest worden bepaald aan de hand van het waarderingsvoorschrift van de Successiewet 1956.
Overzicht:

Ministerie introduceert regelhulp premiekortingen
Om werkgevers te stimuleren om werknemers met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen, zijn de premiekortingen in het leven geroepen. Het gaat om oudere werknemers met een uitkering en om mensen met een arbeidshandicap. Werkgever... Lees verder »
Te lang gewerkt aan re-integratie in eigen functie
Werkgevers zijn verplicht om gedurende de eerste twee jaar van arbeidsongeschiktheid het loon van de werknemer door te betalen. Deze loondoorbetalingsverplichting kan verlengd worden met een jaar wanneer het UWV van mening is dat de werkgever er... Lees verder »
Belastingheffing box 3 in strijd met eigendomsrecht?
De vermogensrendementsheffing van box 3 is door de wetgever aangemerkt als een inkomstenbelasting. Als grondslag voor de belastingheffing wordt een forfaitair rendement over de waarde van het vermogen genomen. Het rendement is vastgesteld op 4%. Volg... Lees verder »
Transitievergoeding en arbeidsongeschiktheid
De Wet werk en zekerheid heeft een aantal wijzigingen in het arbeidsrecht aangebracht. Een van deze wijzigingen is de verplichting voor de werkgever om bij ontslag een zogenaamde transitievergoeding te betalen.TransitievergoedingDe werkgever is allee... Lees verder »
Einde 30%-regeling door periode tussen dienstbetrekkingen
Volgens de Hoge Raad is de 30%-regeling terecht beëindigd wanneer tussen twee dienstbetrekkingen in meer dan drie maanden niet gewerkt wordt, ongeacht de reden daartoe.De procedure betrof een ingekomen werknemer die tijdens de looptijd van de 30%-re... Lees verder »

