Actueel

Conclusie A-G over crisisheffing

Conclusie A-G over crisisheffing

In 2013 gold de pseudo-eindheffing hoge beloningen. Dat was een tijdelijke belastingheffing van werkgevers over in 2012 betaalde lonen voor zover deze per werknemer hoger waren dan € 150.000. Het tarief van de belasting was 16%. De heffing staat bekend onder de naam crisisheffing. De regeling is aangekondigd op 25 mei 2012. Aanvankelijk zou de heffing eenmalig zijn, maar de regeling is verlengd en gold daardoor ook in 2014. Bij de Hoge Raad is een procedure over de crisisheffing aanhangig. De belanghebbende in deze procedure is een concern met meerdere werkmaatschappijen. Volgens de belanghebbende is de crisisheffing in strijd met artikel 1 van de Wet LB 1964, is sprake van discriminatie van werknemers ten opzichte van even veel verdienende niet-werknemers en is de terugwerkende kracht waarmee de regeling is ingevoerd in strijd met eigendomsgrondrecht zoals dat is beschreven in artikel 1 van het Eerste Protocol bij het Europese Verdrag ter bescherming van de Rechten van de Mens. De A-G bij de Hoge Raad heeft een uitgebreide conclusie gewijd aan deze procedure.

Voor de crisisheffing 2013 was het loon over 2012 het belastbare feit en de maatstaf van heffing. Dat betekende dat zowel formeel als materieel sprake was van terugwerkende kracht. Formeel terugwerkende heffing is in beginsel aanvaardbaar als het belastbare feit na de aankondiging van de heffing ligt en na het tijdstip tot waar de regeling terugwerkt. De A-G is daarom van mening dat de crisisheffing niet in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol voor zover het gaat om het loon dat na 25 mei 2012 is betaald. De extra heffing over het vóór 25 mei 2012 betaalde deel van het belastbare feit was niet voorzienbaar. De vraag is of de belangen van het met de terugwerkende kracht gediende doel zwaar genoeg zijn om deze inbreuk toe te staan. Bij de behandeling in de Eerste Kamer heeft de regering gezegd dat van terugwerkende kracht geen sprake zou zijn. Een verklaring voor de terugwerkende kracht is dan ook niet gegeven. De A-G veronderstelt dat de puur budgettaire reden voor de heffing de enige reden voor de terugwerkende kracht is. De terugwerkende kracht van de crisisheffing heeft nauwelijks gevolgen gehad voor de terugdringing van het oplopende tekort op de rijksbegroting. De A-G gaat ervan uit dat geen enkele afweging heeft plaatsgevonden van welk belang bij terugwerkende kracht dan ook tegenover de gevolgen van die terugwerking op de financiële positie van de belanghebbende. Volgens de A-G moet de crisisheffing beperkt blijven tot het loondeel dat na 25 mei 2012 de drempel van € 150.000 heeft overschreden.

Overzicht:

  • Experiment met vervroegde inzet no-riskpolis

    Experiment met vervroegde inzet no-riskpolis

    De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft een ontwerpbesluit voor de vervroegde inzet van een no-riskpolis naar de Eerste en de Tweede Kamer gestuurd. In de begeleidende brief legt de minister uit dat het gaat om een experiment om mensen... Lees verder »
  • Afkoop lijfrente en revisierente

    Afkoop lijfrente en revisierente

    De premies voor een lijfrenteverzekering zijn onder voorwaarden aftrekbaar in de inkomstenbelasting. Daar staat tegenover dat de uitkeringen uit de lijfrente te zijner tijd belast zijn. Bij de afkoop van een lijfrenteverzekering wordt de ontvangen af... Lees verder »
  • Uitstel invoering kentekenplicht landbouwvoertuigen

    Uitstel invoering kentekenplicht landbouwvoertuigen

    Bij de Tweede Kamer is een wetsvoorstel in behandeling met betrekking tot de invoering van de kentekenplicht voor landbouwtrekkers en andere langzame motorvoertuigen. Aanvankelijk werd uitgegaan van inwerkingtreding van de kentekenplicht per 1 januar... Lees verder »
  • Uitbreiding kraamverlof partner

    Uitbreiding kraamverlof partner

    De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft een brief naar de Tweede Kamer gestuurd over de voorgenomen invoering van de uitbreiding van het kraamverlof voor de partner met drie dagen. Het UWV moet deze regeling gaan uitvoeren. Op dit mome... Lees verder »
  • Kosten onderneming niet aftrekbaar als persoonlijke verplichting

    Kosten onderneming niet aftrekbaar als persoonlijke verplichting

    Uitgaven voor scholing kunnen onder voorwaarden een aftrekpost vormen in de inkomstenbelasting. Het moet gaan om de uitgaven die iemand doet voor het volgen van een opleiding, die is gericht op het verwerven van inkomen in box 1. De opleiding kan gev... Lees verder »