Actueel

Instemming met beëindiging dienstverband
Bij de beantwoording van de vraag of een werknemer zijn dienstbetrekking vrijwillig heeft willen beëindigen moet een strenge maatstaf worden gehanteerd om hem te beschermen tegen de ernstige gevolgen van vrijwillige beëindiging van het dienstverband. Dat betekent dat niet te snel mag worden aangenomen dat een werknemer instemt met ontslag.
Het Sociaal Plan van een werkgever bevatte voor boventallig verklaarde werknemers de keuze uit twee wijzen van beëindiging van de arbeidsovereenkomst. De ene keuze was begeleiding naar ander werk tijdens een tijdelijk voortgezet dienstverband, de andere keuze was directe beëindiging van de arbeidsovereenkomst in combinatie met een beëindigingsvergoeding. Een als boventallig aangemerkte werkneemster ondertekende de door de werkgever voorgelegde vaststellingsovereenkomst onder protest. De werkgever stelde zich op het standpunt dat de werkneemster door de ondertekening was gebonden aan de vaststellingsovereenkomst.
De werkneemster bestreed dat standpunt en verzocht de kantonrechter om een verklaring voor recht dat partijen geen overeenstemming hadden bereikt over de beëindiging van het dienstverband. De kantonrechter hechtte met name belang aan de door de werkneemster geplaatste kanttekening bij de overeenkomst. Deze kanttekening was niet duidelijk omdat deze voor meerdere uitleg vatbaar was. De kantonrechter vond daarom dat de ondertekening van de vaststellingsovereenkomst geen duidelijke en ondubbelzinnige verklaring van de werkneemster inhield. Daarom kon niet worden aangenomen dat de werkneemster met de beëindiging van haar arbeidsovereenkomst heeft ingestemd. De kantonrechter verwees nog naar het Sociaal Plan van de werkgever waarin staat dat de vaststellingsovereenkomst onverkort en onvoorwaardelijk dient te worden aanvaard. Wanneer dat niet gebeurt wordt gestreefd naar beëindiging van de arbeidsovereenkomst vanwege een dringende reden.
Overzicht:

Recht op KIA voor maat in maatschap
De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) kent een schijventarief. Sinds 1 januari 2010 geldt in de derde schijf een vast bedrag aan KIA zolang het investeringsbedrag tussen de onder- en de bovengrens ligt. In 2018 gaat het om een bedrag aan KIA v... Lees verder »
Geen aanleiding voor verlaging AOW-leeftijd
Naar aanleiding van een artikel in het Financieel Dagblad zijn Kamervragen gesteld aan de minister van Sociale Zaken over de verhoging van de AOW-leeftijd. In het artikel wordt beschreven dat de AOW-leeftijd tot 2021 sneller stijgt dan de toename van... Lees verder »
WOZ-waarde bedrijfsterrein met opslagtanks
Een procedure voor Hof Arnhem-Leeuwarden had betrekking op de WOZ-waarde van een bedrijfsterrein met opstallen en installaties. In geschil was of de op het terrein aanwezige opslagtanks roerende of onroerende zaken waren. Wanneer de tanks roerend zou... Lees verder »
Geen ruime uitleg van concurrentiebeding
Bij de uitleg van een concurrentiebeding moet niet alleen rekening worden gehouden met de bewoordingen, maar kan ook de betekenis die partijen aan het beding toekennen en wat zij ten aanzien daarvan van elkaar mogen verwachten, van belang zijn. Een c... Lees verder »
Bewijs van beperkt privégebruik auto
Wanneer door de werkgever een auto aan een werknemer ter beschikking wordt gesteld, gaat de wet ervan uit dat de auto ook voor privédoeleinden ter beschikking is gesteld. Dat betekent dat er een bijtelling bij het inkomen moet plaatsvinden, tenzij b... Lees verder »

