Actueel

Parlementaire behandeling Belastingplan 2016
Bij de behandeling van het Belastingplan 2016 in de Tweede Kamer hebben twee onderwerpen veel aandacht gekregen. Het gaat om de voorgestelde wijzigingen in box 3 en de bestrijding van het emigratielek in box 2.
De wijzigingen in box 3, die moeten ingaan op 1 januari 2017, komen neer op een hoger fictief rendement naarmate het vermogen toeneemt. Uit de beantwoording van vragen door de staatssecretaris is af te leiden dat hij niet bang is dat mensen met grotere vermogens op zoek gaan naar alternatieven. Er is specifiek gevraagd naar een kabinetsvoornemen om de heffing op basis van een fictief rendement in box 2 voor vrijgestelde beleggingsinstellingen uit te breiden naar alle beleggings-BV’s. Voor een vrijgestelde beleggingsinstelling geldt in box 2 een fictief rendement van 4%. Dat wordt belast tegen een tarief van 25%. De vrijgestelde beleggingsinstelling betaalt geen winstbelasting. Volgens de staatssecretaris blijft de Belastingdienst belastingontwijkend gedrag in de gaten houden. Indien noodzakelijk zal het kabinet met maatregelen komen.
Het emigratielek in box 2 doet zich voor wanneer aanmerkelijkbelanghouders na emigratie de BV winstuitdelingen laten doen. Op die manier kan de Nederlandse belastingclaim op de waardeaangroei van de aandelen die een aanmerkelijk belang vormen worden ontlopen. Bij emigratie wordt een conserverende aanslag opgelegd, maar die wordt alleen ingevorderd bij vervreemding van de aandelen of liquidatie van de BV binnen tien jaar. Wie tien jaar wacht is van de belastingclaim af. De voorgestelde maatregelen moeten dat onmogelijk maken. Uitkeringen van reserves aan een geëmigreerde aanmerkelijkbelanghouder leiden straks wel tot invordering van de conserverende aanslag. De conserverende aanslag wordt overigens niet ingevorderd voor zover over de winstuitkering in Nederland of in het buitenland feitelijk belasting wordt geheven.
Volgens het kabinet zijn de voorgestelde maatregelen niet in strijd met de goede verdragstrouw. De belastingheffing over de waardestijging van tot een aanmerkelijk belang behorende aandelen tijdens de periode van binnenlandse belastingplicht verandert niet. Ook het automatisch verlenen van uitstel van betaling voor de conserverende aanslag verandert niet. Wel veranderen de aanknopingspunten voor het innen en het niet kwijtschelden van de conserverende aanslag. Omdat inning van de belasting plaatsvindt bij uitdeling van reserves van de BV mag verwacht worden dat de geëmigreerde aandeelhouder over middelen beschikt om de belastingschuld te voldoen. Ook in binnenlandse situaties wordt op het moment van uitdeling van winstreserves belasting geheven. Er is geen sprake van belastingheffing over de uitdeling van reserves en dus breidt Nederland de heffingsbevoegdheid niet uit ten koste van verdragspartners.
Overzicht:

Naheffing motorrijtuigenbelasting buitenlands kenteken
De houder van een motorrijtuig moet motorrijtuigenbelasting betalen. Het begrip motorrijtuig omvat personenauto’s, bestelauto’s, motorfietsen, vrachtauto’s en autobussen. Houder is de persoon op wiens naam het kenteken van het motor... Lees verder »
Jaaraangifte btw voor kleine ondernemers
In het halfjaarlijkse overzicht van de status van fiscale moties en toezeggingen heeft de staatssecretaris aangegeven dat de mogelijkheid van het doen van jaaraangifte voor de btw voor kleine ondernemers blijft bestaan. In het kader van de aanpassing... Lees verder »
Inspectie SZW controleert op aanwezigheid RI&E
De Arbowet bepaalt dat de werkgever moet zorgen voor de veiligheid en de gezondheid van zijn werknemers en verplicht de werkgever om een beleid te voeren dat is gericht op zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden. De werkgever moet het arbeidsomstandi... Lees verder »
Twee appartementen vormen niet samen een eigen woning
Een eigen woning is een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat de belastingplichtige, of personen die tot zijn huishouden behoren, anders dan tijdelijk als hoofdverblijf ter beschikking staat op grond van eigendom. Een belastingplichtige kan slech... Lees verder »
Ritten naar golfclub deels privé
De dga van een bv had de beschikking over een auto van de bv. In het jaar 2011 had de dga een “verklaring geen privégebruik auto”. Volgens de bijgehouden rittenadministratie heeft de dga in dat jaar 326 privékilometers met d... Lees verder »

