Actueel

Geen naheffing parkeerbelasting bij onjuiste invoer kenteken

Geen naheffing parkeerbelasting bij onjuiste invoer kenteken

Wanneer belasting, die op aangifte moet worden voldaan of afgedragen, niet is betaald kan de inspecteur een naheffingsaanslag opleggen. Een gemeentelijke heffingsambtenaar meende dat ook een naheffingsaanslag kan worden opgelegd wanneer de verplichte aangifte niet correct is gedaan. Volgens Hof Amsterdam is bepalend of de belasting al dan niet is voldaan.

Hof Amsterdam heeft een naheffingsaanslag parkeerbelasting vernietigd die was opgelegd omdat bij het doen van de aangifte een onjuist kenteken was ingevoerd. De gemeentelijke heffingsambtenaar meende dat de verplichte aangifte parkeerbelasting niet correct was gedaan en dat daarom belasting kon worden nageheven. Volgens het hof stond vast dat de verschuldigde parkeerbelasting was voldaan. Dat bleek uit de volgende opsomming van feiten.

  1. De gemeente had het verschuldigde bedrag ontvangen. Betalingen die via een parkeerautomaat worden gedaan hebben geen ander doel dan het voldoen van parkeerbelasting.
  2. De automobilist had een betaalbewijs laten printen door de parkeerautomaat en dat betaalbewijs zichtbaar achter de voorruit van de auto gelegd.
  3. De tekst van het geprinte betaalbewijs maakte duidelijk voor welke parkeertijd het bedrag was betaald.
  4. De auto stond geparkeerd in het juiste tariefgebied.
  5. De automobilist had ook een afschrift van de bankrekening waarop de betaling via de parkeerautomaat vermeld stond.

Het hof verwees naar arresten van de Hoge Raad over de loonbelasting. In deze arresten heeft de Hoge Raad gezegd dat de opvatting dat verschuldigde belasting die wel is betaald maar niet in de aangifte is verwerkt, als niet betaalde belasting moet worden aangemerkt, niet juist is. Over de mogelijkheid om parkeerbelasting na te heffen heeft de Hoge Raad gezegd dat, als vaststaat dat iemand de door hem verschuldigde parkeerbelasting tijdig heeft betaald, naheffing van die belasting niet is toegestaan.

Overzicht:

  • Recht op KIA voor maat in maatschap

    Recht op KIA voor maat in maatschap

    De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) kent een schijventarief. Sinds 1 januari 2010 geldt in de derde schijf een vast bedrag aan KIA zolang het investeringsbedrag tussen de onder- en de bovengrens ligt. In 2018 gaat het om een bedrag aan KIA v... Lees verder »
  • Geen aanleiding voor verlaging AOW-leeftijd

    Geen aanleiding voor verlaging AOW-leeftijd

    Naar aanleiding van een artikel in het Financieel Dagblad zijn Kamervragen gesteld aan de minister van Sociale Zaken over de verhoging van de AOW-leeftijd. In het artikel wordt beschreven dat de AOW-leeftijd tot 2021 sneller stijgt dan de toename van... Lees verder »
  • WOZ-waarde bedrijfsterrein met opslagtanks

    WOZ-waarde bedrijfsterrein met opslagtanks

    Een procedure voor Hof Arnhem-Leeuwarden had betrekking op de WOZ-waarde van een bedrijfsterrein met opstallen en installaties. In geschil was of de op het terrein aanwezige opslagtanks roerende of onroerende zaken waren. Wanneer de tanks roerend zou... Lees verder »
  • Geen ruime uitleg van concurrentiebeding

    Geen ruime uitleg van concurrentiebeding

    Bij de uitleg van een concurrentiebeding moet niet alleen rekening worden gehouden met de bewoordingen, maar kan ook de betekenis die partijen aan het beding toekennen en wat zij ten aanzien daarvan van elkaar mogen verwachten, van belang zijn. Een c... Lees verder »
  • Bewijs van beperkt privégebruik auto

    Bewijs van beperkt privégebruik auto

    Wanneer door de werkgever een auto aan een werknemer ter beschikking wordt gesteld, gaat de wet ervan uit dat de auto ook voor privédoeleinden ter beschikking is gesteld. Dat betekent dat er een bijtelling bij het inkomen moet plaatsvinden, tenzij b... Lees verder »