Actueel

Onterecht opgelegde loonsanctie

Onterecht opgelegde loonsanctie

Wanneer een werknemer arbeidsongeschikt is heeft de werkgever de verplichting om het loon door te betalen. Die verplichting geldt gedurende de eerste twee jaren van de arbeidsongeschiktheid. De werkgever moet tijdens de arbeidsongeschiktheid van een werknemer de re-integratie van de werknemer in het arbeidsproces bevorderen. Doet de werkgever dat onvoldoende dan kan het UWV hem als straf een verlenging van de loondoorbetalingsverplichting opleggen. Deze loonsanctie geldt voor een periode van een jaar.

Een werkgever bestreed de aan hem opgelegde loonsanctie omdat hij van mening was dat hij voldoende inspanningen had verricht om de werknemer te re-integreren. De werkgever baseerde zich op een op zijn verzoek door het UWV gegeven deskundigenoordeel, waarin een arbeidsdeskundige op basis van rapporten van de bedrijfsarts de verrichte re-integratie-inspanningen voldoende vond. Ook was er een later rapport van een arbeidsdeskundige en een sociaal-medisch advies waarin de maximale belastbaarheid van de werknemer op zestien uur per week werd gesteld. De werkgever had de werknemer voor dat aantal uren herplaatst in een andere functie.

Volgens de Centrale Raad van Beroep mag een werkgever in beginsel uitgaan van de juistheid van een deskundigenoordeel waarin zijn re-integratieinspanningen als voldoende zijn aangemerkt. De opmerking in het rapport dat het oordeel is gebaseerd op door de bedrijfsarts van de werkgever vastgestelde beperkingen van de werknemer is niet een duidelijk voorbehoud op grond waarvan de werkgever er rekening mee had moeten houden dat zijn inspanningen bij een latere beoordeling als onvoldoende zouden kunnen worden aangemerkt. De Centrale Raad van Beroep was van oordeel dat in dit geval ten onrechte een loonsanctie was opgelegd.

Overzicht:

  • Onvoldoende bewijs geen privégebruik

    Onvoldoende bewijs geen privégebruik

    Indien een werkgever aan een werknemer een auto ook voor privégebruik ter beschikking stelt, heeft dat tot gevolg dat op kalenderjaarbasis ten minste 25% van de waarde van de auto bij het loon van de werknemer wordt geteld. De wet bevat de fictie da... Lees verder »
  • Onzakelijke borgstelling

    Onzakelijke borgstelling

    Het ter beschikking stellen van vermogen aan een bv, waarin de terbeschikkingsteller een aanmerkelijk belang heeft, wordt belast als resultaat uit overige werkzaamheden in box 1 van de inkomstenbelasting. Het aangaan van een borgstelling is geen terb... Lees verder »
  • Afzien van stamrecht leidt tot belastingheffing

    Afzien van stamrecht leidt tot belastingheffing

    Tot 1 januari 2014 was het mogelijk om de belastingheffing over een ontslagvergoeding uit te stellen door de vergoeding in de vorm van een recht op periodieke uitkeringen te gieten. In een dergelijk geval was niet de gehele vergoeding in een keer bel... Lees verder »
  • Dienstbetrekking voor grootaandeelhoudster

    Dienstbetrekking voor grootaandeelhoudster

    Wie in dienstbetrekking werkt, is in beginsel verplicht verzekerd voor de werknemersverzekeringen. Er geldt een uitzondering voor de dga. Bepalend voor de toepassing van de uitzondering is het ontbreken van de gezagsverhouding in de arbeidsrelatie tu... Lees verder »
  • Stakingswinst ondernemer

    Stakingswinst ondernemer

    Volgens de Wet IB 2001 is winst uit onderneming het bedrag van de voordelen die worden verkregen uit een onderneming. Onder onderneming moet in dit verband ook het zelfstandig uitgeoefende beroep worden begrepen.In het kader van de beëindiging van d... Lees verder »