Actueel

Aanzegverplichting bij einde tijdelijk contract

Aanzegverplichting bij einde tijdelijk contract

Sinds de invoering van de Wet werk en zekerheid is een werkgever wettelijk verplicht om een werknemer uiterlijk een maand voor de einddatum van diens arbeidscontract schriftelijk te informeren over het wel of niet voortzetten daarvan. Een werkgever die zich niet aan deze verplichting houdt, is verplicht een maandsalaris te betalen aan de werknemer. Aan deze zogenaamde aanzegverplichting is voldaan als de werkgever meer dan een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst een brief naar de werknemer stuurt, ook al is de werknemer op dat moment op vakantie en krijgt hij de brief minder dan een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst onder ogen.

Een werkgever beriep zich in een procedure op een eerder gedane mondelinge mededeling dat de arbeidsovereenkomst niet zou worden voortgezet. Daarna had hij de werknemer een brief met deze strekking verstuurd. Deze brief was meer dan een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst verstuurd. De werknemer was op dat moment met vakantie en had pas na zijn terugkomst, minder dan een maand voor het einde van zijn tijdelijke contract, kennis genomen van de brief. Volgens de werknemer had de werkgever niet voldaan aan de aanzegverplichting. De kantonrechter was het daar niet mee eens en wees de vordering van de werknemer om een vergoeding wegens het niet tijdig voldoen aan de aanzegverplichting af.

Overzicht:

  • Opzegging wegens bereiken pensioengerechtigde leeftijd

    Opzegging wegens bereiken pensioengerechtigde leeftijd

    Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen kan de werkgever de arbeidsovereenkomst opzeggen in verband met of na de dag waarop de werknemer de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt of waarop de werknemer de voor hem geldende, van de AOW-gerechtigd... Lees verder »
  • Kwijtscheldingswinst terbeschikkingstelling

    Kwijtscheldingswinst terbeschikkingstelling

    Het aanhouden van een vordering op een BV, waarin de geldverstrekker een aanmerkelijk belang heeft, valt onder het begrip werkzaamheid van de Wet IB 2001. Een regresvordering uit een borgstelling door een aanmerkelijkbelanghouder voor een schuld van ... Lees verder »
  • Herziening VAR

    Herziening VAR

    Een belastingplichtige, die zekerheid wilde over zijn arbeidsrelatie, kon een verzoek indienen bij de Belastingdienst. De Belastingdienst besliste op het verzoek met de afgifte van een verklaring arbeidsrelatie (VAR). De belastingplichtige diende een... Lees verder »
  • Voorziening voor verlies uit borgstelling

    Voorziening voor verlies uit borgstelling

    Het rendabel maken van vermogenbestanddelen, waaronder het verstrekken van geldleningen door een aanmerkelijkbelanghouder aan de BV waarin hij een aanmerkelijk belang heeft, vormt een werkzaamheid voor de inkomstenbelasting.De dga van een BV ver... Lees verder »
  • Geen verjonging verlies uit aanmerkelijk belang

    Geen verjonging verlies uit aanmerkelijk belang

    Een negatief inkomen in box 2, dat is een verlies uit aanmerkelijk belang, kan worden verrekend met positieve inkomens in box 2. Wanneer de belanghebbende geen aanmerkelijk belang meer heeft, wordt op zijn verzoek een nog niet verrekend verlies uit a... Lees verder »