Actueel

Aanzegverplichting bij einde tijdelijk contract
Sinds de invoering van de Wet werk en zekerheid is een werkgever wettelijk verplicht om een werknemer uiterlijk een maand voor de einddatum van diens arbeidscontract schriftelijk te informeren over het wel of niet voortzetten daarvan. Een werkgever die zich niet aan deze verplichting houdt, is verplicht een maandsalaris te betalen aan de werknemer. Aan deze zogenaamde aanzegverplichting is voldaan als de werkgever meer dan een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst een brief naar de werknemer stuurt, ook al is de werknemer op dat moment op vakantie en krijgt hij de brief minder dan een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst onder ogen.
Een werkgever beriep zich in een procedure op een eerder gedane mondelinge mededeling dat de arbeidsovereenkomst niet zou worden voortgezet. Daarna had hij de werknemer een brief met deze strekking verstuurd. Deze brief was meer dan een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst verstuurd. De werknemer was op dat moment met vakantie en had pas na zijn terugkomst, minder dan een maand voor het einde van zijn tijdelijke contract, kennis genomen van de brief. Volgens de werknemer had de werkgever niet voldaan aan de aanzegverplichting. De kantonrechter was het daar niet mee eens en wees de vordering van de werknemer om een vergoeding wegens het niet tijdig voldoen aan de aanzegverplichting af.
Overzicht:

Recht op KIA voor maat in maatschap
De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) kent een schijventarief. Sinds 1 januari 2010 geldt in de derde schijf een vast bedrag aan KIA zolang het investeringsbedrag tussen de onder- en de bovengrens ligt. In 2018 gaat het om een bedrag aan KIA v... Lees verder »
Geen aanleiding voor verlaging AOW-leeftijd
Naar aanleiding van een artikel in het Financieel Dagblad zijn Kamervragen gesteld aan de minister van Sociale Zaken over de verhoging van de AOW-leeftijd. In het artikel wordt beschreven dat de AOW-leeftijd tot 2021 sneller stijgt dan de toename van... Lees verder »
WOZ-waarde bedrijfsterrein met opslagtanks
Een procedure voor Hof Arnhem-Leeuwarden had betrekking op de WOZ-waarde van een bedrijfsterrein met opstallen en installaties. In geschil was of de op het terrein aanwezige opslagtanks roerende of onroerende zaken waren. Wanneer de tanks roerend zou... Lees verder »
Geen ruime uitleg van concurrentiebeding
Bij de uitleg van een concurrentiebeding moet niet alleen rekening worden gehouden met de bewoordingen, maar kan ook de betekenis die partijen aan het beding toekennen en wat zij ten aanzien daarvan van elkaar mogen verwachten, van belang zijn. Een c... Lees verder »
Bewijs van beperkt privégebruik auto
Wanneer door de werkgever een auto aan een werknemer ter beschikking wordt gesteld, gaat de wet ervan uit dat de auto ook voor privédoeleinden ter beschikking is gesteld. Dat betekent dat er een bijtelling bij het inkomen moet plaatsvinden, tenzij b... Lees verder »

