Actueel
Verband koopsom en waarde onroerende zaak
Een procedure over de WOZ-waarde van een woning had betrekking op de vraag of de koopprijs van een woning de waarde weergeeft op het tijdstip van de koop of van de levering.
Volgens de Hoge Raad kan niet als algemene regel worden aanvaard dat de koopprijs voor een onroerende zaak gelijk is aan de waarde op het tijdstip van de levering. De Hoge Raad vindt dat wel toelaatbaar als er niet meer dan drie maanden verstrijken tussen de koop en de levering. Wel kunnen zich ook dan omstandigheden voordoen waardoor de verkoopprijs niet de waarde op het tijdstip van levering representeert.
Eerder oordeelde Hof Arnhem-Leeuwarden dat de koopsom in beginsel gelijk is aan de waarde op het tijdstip waarop de koopovereenkomst wordt gesloten. Bij het bepalen van de prijs speelt wel een rol dat de woning op een later tijdstip zal worden geleverd. Dat wil niet zeggen dat de overeengekomen prijs de waarde van de woning op het tijdstip van levering representeert. De toekomstige marktomstandigheden zijn ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst nog niet bekend en kunnen dus niet worden meegenomen in de prijsbepaling.
De waarde van een onroerende zaak wordt op grond van de Wet WOZ vastgesteld op de prijs die de meestbiedende koper zou hebben besteed bij aanbieding ten verkoop op de voor de zaak meest geschikte wijze na de beste voorbereiding. Daarbij wordt verondersteld dat de verkrijger de onroerende zaak onmiddellijk en in volle eigendom in gebruik kan nemen. Dat houdt in dat geen rekening wordt gehouden met omstandigheden als het bewoond, verhuurd of verpacht zijn van de onroerende zaak.
Overzicht:

Kinderopvangtoeslag 2016 hoger
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft in een brief aan de Tweede Kamer invulling gegeven aan de toezegging van het kabinet om de kinderopvangtoeslag te verhogen. Het kabinet trekt daar € 290 miljoen voor uit. Met ingang van 1 janua... Lees verder »
Instemming met beëindiging dienstverband
Bij de beantwoording van de vraag of een werknemer zijn dienstbetrekking vrijwillig heeft willen beëindigen moet een strenge maatstaf worden gehanteerd om hem te beschermen tegen de ernstige gevolgen van vrijwillige beëindiging van het dienstverban... Lees verder »
Kamervragen ontwijken transitievergoeding
Naar aanleiding van berichten in de media zijn Kamervragen aan de minister van Sociale zaken en Werkgelegenheid gesteld over het omzeilen van de transitievergoeding. Dat zou gebeuren door zieke medewerkers onbetaald in dienst te houden. Doordat er ge... Lees verder »
Niet afgedragen dividendbelasting
De Hoge Raad heeft in een arrest uit 1981 beslist dat een werknemer de niet ingehouden en afgedragen loonbelasting als voorheffing in aanmerking mocht nemen omdat hij te goeder trouw was. Volgens de rechtbank Noord Holland geldt dit arrest ook voor v... Lees verder »
Onjuiste informatie in cv reden voor ontslag
Een werkgever was niet tevreden over de wijze waarop een nieuwe werkneemster haar functie uitoefende. Dat was aanleiding voor een nader onderzoek naar de juistheid van de tijdens de sollicitatieprocedure verstrekte informatie. Daaruit kwam naar voren... Lees verder »

