Actueel

Kortingsregeling 30%-regeling niet discriminerend

Kortingsregeling 30%-regeling niet discriminerend

Voor uit het buitenland afkomstige werknemers, die beschikken over een op de Nederlandse markt schaarse deskundigheid, kent de loonbelasting een bijzondere regeling. Deze zogenaamde 30%-regeling houdt in dat 30% van de totale bruto beloning als belastingvrije vergoeding voor de extra kosten van verblijf buiten het land van herkomst kan worden gegeven. De regeling geldt voor maximaal acht jaar. Perioden van eerder verblijf in Nederland komen in mindering op de duur van de regeling.

Het verzoek om toepassing van de 30%-regeling van een werknemer met de Nederlandse nationaliteit, die na 20 jaar verblijf in het buitenland naar Nederland terugkeerde, werd afgewezen. De reden hiervoor was dat het eerdere verblijf in Nederland minder dan 25 jaar daarvoor was geëindigd. Volgens de rechtbank was dat terecht. Uitgangspunten voor de kortingsregeling zijn de veronderstelling dat de kosten van tijdelijk verblijf in Nederland van werknemers die eerder in Nederland hebben gewoond lager zijn dan die van andere uit het buitenland aangetrokken werknemers en dat drempel voor het aangaan van een dienstbetrekking met een Nederlandse werkgever voor de eerste groep lager ligt dan voor de tweede groep werknemers. In een arrest uit 2001 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat deze uitgangspunten niet onredelijk zijn.

In cassatie ging het over de vraag of de kortingsregeling een vorm van indirecte discriminatie naar nationaliteit inhoudt. De Hoge Raad verwees naar het arrest Sopora van het Hof van Justitie EU. Daaruit volgt dat de 30%-regeling op zichzelf geen indirecte discriminatie of belemmering van het vrije verkeer van werknemers vormt. De Hoge Raad twijfel er niet aan dat dit ook geldt voor de kortingsregeling die aanknoopt bij een eerder verblijf in Nederland en bij de duur daarvan. Toepassing van de 30%-regeling leidt niet tot een systematische en duidelijke overcompensatie van de werkelijk gemaakte kosten van verblijf buiten het land van herkomst. Daarom is de 30%-regeling ook niet in strijd met het Verdrag betreffende de Werking van de EU of met het Handvest van de grondrechten van de EU.

Onder verwijzing naar het arrest uit 2001 oordeelt de Hoge Raad dat ook geen sprake is van schending van het discriminatieverbod van het Europees Verdrag betreffende de Rechten van de Mens en het Internationaal Verdrag betreffende Burgerrechten en Politieke Rechten. Volgens de Hoge Raad is de kortingsregeling niet onredelijk en is de wetgever daarmee binnen de hem toekomende beoordelingsvrijheid gebleven.

Overzicht:

  • Naheffing motorrijtuigenbelasting buitenlands kenteken

    Naheffing motorrijtuigenbelasting buitenlands kenteken

    De houder van een motorrijtuig moet motorrijtuigenbelasting betalen. Het begrip motorrijtuig omvat personenauto’s, bestelauto’s, motorfietsen, vrachtauto’s en autobussen. Houder is de persoon op wiens naam het kenteken van het motor... Lees verder »
  • Jaaraangifte btw voor kleine ondernemers

    Jaaraangifte btw voor kleine ondernemers

    In het halfjaarlijkse overzicht van de status van fiscale moties en toezeggingen heeft de staatssecretaris aangegeven dat de mogelijkheid van het doen van jaaraangifte voor de btw voor kleine ondernemers blijft bestaan. In het kader van de aanpassing... Lees verder »
  • Inspectie SZW controleert op aanwezigheid RI&E

    Inspectie SZW controleert op aanwezigheid RI&E

    De Arbowet bepaalt dat de werkgever moet zorgen voor de veiligheid en de gezondheid van zijn werknemers en verplicht de werkgever om een beleid te voeren dat is gericht op zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden. De werkgever moet het arbeidsomstandi... Lees verder »
  • Twee appartementen vormen niet samen een eigen woning

    Twee appartementen vormen niet samen een eigen woning

    Een eigen woning is een gebouw of een gedeelte van een gebouw dat de belastingplichtige, of personen die tot zijn huishouden behoren, anders dan tijdelijk als hoofdverblijf ter beschikking staat op grond van eigendom. Een belastingplichtige kan slech... Lees verder »
  • Ritten naar golfclub deels privé

    Ritten naar golfclub deels privé

    De dga van een bv had de beschikking over een auto van de bv. In het jaar 2011 had de dga een “verklaring geen privégebruik auto”. Volgens de bijgehouden rittenadministratie heeft de dga in dat jaar 326 privékilometers met d... Lees verder »