Actueel

Wanneer volgt teruggave dividendbelasting aan buitenlandse aandeelhouder?
Bij de uitkering van dividend door een Nederlandse vennootschap moet 15% dividendbelasting worden ingehouden. De dividendbelasting wordt voor particuliere aandeelhouders verrekend met de inkomstenbelasting. Vennootschappen kunnen de ingehouden dividendbelasting verrekenen met de vennootschapsbelasting. Voor buitenlandse aandeelhouders is verrekening van Nederlandse dividendbelasting niet altijd mogelijk. De Hoge Raad heeft prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie EU gesteld. Na beantwoording van deze vragen moest de Hoge Raad nog beslissen in twee zaken betreffende particuliere in het buitenland wonende aandeelhouders.
Voor het antwoord op de vraag of sprake is van een belemmering van het kapitaalverkeer moet worden nagegaan of de inhouding van dividendbelasting tot gevolg heeft dat een buitenlandse aandeelhouder in Nederland zwaarder wordt belast dan een ingezeten aandeelhouder. Voor de vergelijking van de belastingdruk moet als referentietijdvak een kalenderjaar worden genomen. Verder geldt als forfaitaire belastinggrondslag de waarde van alle aandelen in Nederlandse vennootschappen, verminderd met het heffingvrije vermogen. Over dat bedrag wordt de inkomstenbelasting van box 3 berekend. Als de ingehouden dividendbelasting hoger is dan de berekende inkomstenbelasting in box 3, moet het verschil worden teruggegeven aan de buitenlandse particuliere aandeelhouder.
De eerste buitenlandse aandeelhouder had in 2007 Nederlandse aandelen met een waarde van € 169.146. Het door hem in 2007 ontvangen dividend op Nederlandse aandelen bedroeg € 4.852, waarop € 729 aan dividendbelasting is ingehouden. Een inwoner van Nederland zou over de waarde van de aandelen na vermindering met het heffingvrije vermogen € 1.789 aan inkomstenbelasting verschuldigd zijn. Dit betekent dat de belastingdruk voor de buitenlandse aandeelhouder lager was dan de definitieve belastingdruk voor een inwoner van Nederland. De Hoge Raad stelt vast dat er in dit geval geen sprake was van een schending van de vrijheid van kapitaalverkeer.
De tweede buitenlandse aandeelhouder had in 2007 certificaten van aandelen met een waarde van € 1.298.245. In dat jaar ontving hij in totaal € 107.372 aan dividend, waarop € 16.106 aan dividendbelasting is ingehouden. Een inwoner van Nederland zou over de waarde van de aandelen na vermindering met het heffingvrije vermogen € 15.338 aan inkomstenbelasting verschuldigd zijn. De in het buitenland wonende aandeelhouder had € 768 meer dividendbelasting betaald dan een in Nederland wonende aandeelhouder aan inkomstenbelasting verschuldigd zou zijn geweest. Daarmee was in dit geval sprake van een schending van de vrijheid van kapitaalverkeer. De aandeelhouder had recht op een teruggaaf van ingehouden dividendbelasting voor een bedrag van € 768.
Overzicht:

Modelovereenkomst vervangt VAR in 2016
De VAR gaat binnenkort verdwijnen, waarschijnlijk per 1 april 2016. Opdrachtgevers en opdrachtnemers gaan in de plaats daarvan met door de Belastingdienst goedgekeurde overeenkomsten werken. Dit geeft opdrachtgevers en opdrachtnemers vooraf zekerheid... Lees verder »
Zonnepanelen en ondernemerschap omzetbelasting
Ondernemers hebben recht op aftrek van voorbelasting voor zover zij de afgenomen diensten of goederen gebruiken voor belaste prestaties. Het recht op aftrek van voorbelasting moet worden geëffectueerd in de aangifte over het tijdvak waarin de omzetb... Lees verder »
Wlz-premie 2016 vastgesteld op 9,65%
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft de premie voor de Wet langdurige zorg (Wlz) voor 2016 vastgesteld. De Wlz is een volksverzekering en de opvolger van de AWBZ, die per 1 januari 2015 is afgeschaft. Het premiepercentage w... Lees verder »
Aanpassing beleidsbesluit bedrijfsopvolging
De staatssecretaris van Financiën heeft het beleidsbesluit over de bedrijfsopvolgingsregeling voor de schenk- en erfbelasting aangepast. Het besluit bevat een goedkeuring voor de verkrijging van een landbouwonderneming. De verkrijger die daarbij de ... Lees verder »
Nederland in beroep tegen besluit EC in zaak Starbucks
Nederland gaat in beroep tegen het besluit van de Europese Commissie (EC) om de afspraken die de Belastingdienst heeft gemaakt met Starbucks aan te merken als verboden staatssteun.Het kabinet heeft in een brief aan de Tweede Kamer meegedeeld dat... Lees verder »

