Actueel

Overgangsregeling transitievergoeding kleinere werkgevers
Vóór de inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid (WWZ) kon een werkgever met toestemming van het UWV een werknemer ontslaan zonder dat hij de werknemer een vergoeding hoefde te betalen. Dat is met de invoering van de WWZ veranderd. Ongeacht de ontslagroute moet de werkgever bij ontslag op zijn initiatief een transitievergoeding betalen als de dienstbetrekking langer dan twee jaar heeft geduurd. Voor kleine werkgevers met financiële problemen is een overgangsregeling getroffen. Deze regeling houdt in dat onder bij de berekening van de transitievergoeding geen rekening wordt gehouden met de duur van de arbeidsovereenkomst vóór 1 mei 2013. De overgangsregeling loopt tot 1 januari 2020. Om deze regeling te mogen toepassen moet aan de volgende voorwaarden zijn voldaan:
- het netto resultaat van de onderneming van de werkgever over de drie boekjaren voor het jaar, waarin de arbeidsovereenkomst eindigt, is negatief;
- het eigen vermogen van de onderneming is negatief aan het einde van het boekjaar voorafgaand aan het boekjaar waarin de arbeidsovereenkomst eindigt; en
- aan het einde van het boekjaar voorafgaand aan het boekjaar, waarin de arbeidsovereenkomst eindigt, is de waarde van de vlottende activa kleiner dan de kortlopende schulden.
Volgens de kantonrechter in Eindhoven volstaat het als het gemiddelde resultaat over de drie boekjaren negatief is om te bepalen of de werkgever voldoet aan de gestelde voorwaarden. De kantonrechter kwam tot dat oordeel in een procedure waarin het resultaat over 2013 positief was en over de jaren 2014 en 2015 negatief. Gemiddeld was het resultaat negatief. Bijkomend aspect was dat het resultaat over 2013 positief was door een verzekeringsuitkering die betrekking had op een schade die in 2012 was ontstaan. Tegenover die schade-uitkering stond een herbouwplicht. De werkgever had aan de ontslagen werknemer een transitievergoeding volgens de overbruggingsregeling betaald. De kantonrechter wees de vordering van de werknemer tot toekenning van de resterende wettelijke transitievergoeding af.
Overzicht:

Volgens A-G verhindert winstuitdeling herinvesteringsvoornemen niet
Belastingheffing over de boekwinst, die een ondernemer behaalt bij de vervreemding van een bedrijfsmiddel, kan worden uitgesteld. Dat kan door de boekwinst op te nemen in een herinvesteringsreserve. De gereserveerde winst wordt vervolgens afgeboekt a... Lees verder »
Protocol Belastingdienst vermiste personen
De Belastingdienst heeft in overleg met Slachtofferhulp Nederland een protocol opgesteld voor het onderhouden van contact met achterblijvers van vermiste personen. Vermiste personen hebben wettelijk de status van levend persoon. Dat betekent allerlei... Lees verder »
Huurrecht als ondernemingsvermogen
Volgens de Hoge Raad kan een huurrecht, dat voor de uitoefening van een onderneming wordt gebruikt, ondernemingsvermogen vormen. Een huurrecht is een vermogensrecht en daarmee een goed in de zin van het Burgerlijk Wetboek en de Wet IB 2001.Wordt een ... Lees verder »
Ingrijpende verbouwing levert nieuw pand op
Bij de verkrijging van een in Nederland gelegen onroerende zaak wordt overdrachtsbelasting geheven. Er geldt een vrijstelling van overdrachtsbelasting wanneer bij de levering omzetbelasting verschuldigd is. De levering van onroerende zaken is in het ... Lees verder »
Toepassing verschillende btw-tarieven op één dienst?
De Hoge Raad heeft een prejudiciële vraag over de toepassing van verschillende omzetbelastingtarieven over één dienst voorgelegd aan het Hof van Justitie EU. De vraag kwam op in de derde procedure in cassatie over de combinatie van museumbezoek en... Lees verder »

