Actueel

Vordering ouders op zoon onzakelijk

Vordering ouders op zoon onzakelijk

Niet alleen in aandeelhoudersrelaties kan zich het fenomeen van de onzakelijke lening voordoen. Ook wanneer op grond van de persoonlijke betrekkingen tussen natuurlijke personen een debiteurenrisico wordt geaccepteerd dat een onafhankelijke derde niet zou hebben genomen, is sprake van een onzakelijke lening. Een voorbeeld daarvan deed zich voor bij een maatschap die bestond uit een echtpaar en hun zoon.

Volgens de maatschapsovereenkomst konden de maten maandelijks voorschotten op hun winstaandeel opnemen. Wanneer een maat in een jaar meer had opgenomen dan zijn winstaandeel, moest hij op verzoek van de andere maten het verschil terugbetalen. Door de bescheiden resultaten van de maatschap liep de kapitaalrekening van de zoon op tot € 334.152. De verhaalsmogelijkheden bij de zoon bedroegen niet meer dan € 100.000. De ouders scholden een bedrag van € 134.152 kwijt. De ouders brachten ieder de helft van het bedrag aan kwijtschelding ten laste van hun winst. De resterende vordering van € 200.000 waardeerden zij ieder met een bedrag van € 50.000 af wegens oninbaarheid.

Het hof vond dat de ouders bij het laten oplopen van de vordering op de zoon tot boven € 100.000 onzakelijk hebben gehandeld. Het risico van oninbaarheid hebben de ouders aanvaard vanwege de persoonlijke verhouding met hun zoon. De rol van de zoon binnen de onderneming was niet zo belangrijk dat een zakelijk handelende derde een dergelijk risico wel zou hebben aanvaard. De kwijtschelding en de afwaardering van de vordering op de zoon tot op € 100.000 konden niet ten laste van de fiscale winst worden gebracht. De Hoge Raad heeft in cassatie geoordeeld dat de vordering van de ouders op de zoon terecht is aangemerkt als een onzakelijke lening.

Overzicht:

  • Werkzaamheden in vof niet hoofdzakelijk ondersteunend

    Werkzaamheden in vof niet hoofdzakelijk ondersteunend

    Een ondernemer heeft recht op de zelfstandigenaftrek als hij in een jaar aan het urencriterium voldoet. Dat is het geval wanneer hij ten minste 1.225 uren en meer dan 50% van zijn tijd aan zijn onderneming besteedt. De tijd die een ondernemer besteed... Lees verder »
  • Weer Kamervragen over beoordeling arbeidsrelatie

    Weer Kamervragen over beoordeling arbeidsrelatie

    De onzekerheid over de uitvoering van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) blijft ook de Tweede Kamer bezighouden. Deze onzekerheid heeft geleid tot een nieuwe reeks vragen aan de staatssecretaris van Financiën. Directe aanleiding i... Lees verder »
  • Dienstbetrekking gefingeerd om uitkering te verkrijgen

    Dienstbetrekking gefingeerd om uitkering te verkrijgen

    Een arbeidsverhouding is een privaatrechtelijke dienstbetrekking wanneer is voldaan aan de volgende vereisten:er is de verplichting tot het persoonlijk verrichten van arbeid, er is een gezagsverhouding, en er is de verplichting tot het betalen van lo... Lees verder »
  • Mogelijke aanpassingen box 3

    Mogelijke aanpassingen box 3

    De staatssecretaris van Financiën heeft een brief naar de Tweede Kamer gestuurd over de belastingheffing in box 3. Er is onderzocht of en in hoeverre de ombouw naar een heffing op het werkelijk behaalde rendement mogelijk is. De voorlopige conclusie... Lees verder »
  • Bezwaar maken tegen kosten NVWA

    Bezwaar maken tegen kosten NVWA

    De Raad van State heeft op verzoek van de Tweede Kamer onderzoek verricht naar de tarieven van de NVWA, welke de laatste jaren verschillende keren zijn verhoogd.De Raad van State vindt het op zich terecht dat de kosten voor vergunningen en toelatinge... Lees verder »