Actueel

Box 3-heffing blijft voor 2014 overeind

Box 3-heffing blijft voor 2014 overeind

Voor de heffing van inkomstenbelasting over de opbrengsten van sparen en beleggen (box 3) wordt een rendement verondersteld van 4% per jaar. Bij de invoering van de Wet IB 2001 heeft de minister van Financiën over dat forfaitaire rendement gezegd dat 4% het reële rendement is dat een particulier op langere termijn met risicovrij beleggen moet kunnen halen.

In een proefprocedure over het belastingjaar 2014 over de heffing in box 3 oordeelde de rechtbank Noord-Nederland dat de vraag, of het door de wetgever veronderstelde langjarige rendement van 4% niet meer haalbaar is, pas na verloop van een periode van tien jaar kan worden beantwoord. In die periode moet het rendement op risicoarme beleggingen lager zijn geweest dan 4%. De belanghebbende in deze procedure slaagde er niet in om te bewijzen dat eind 2013 al tien aaneengesloten jaren met onderrendement waren verstreken. Aan de beoordeling of belastingplichtigen door de belastingheffing in box 3 worden geconfronteerd met een buitensporig zware last kwam de rechtbank niet meer toe.

De rechtbank wees op een arrest van de Hoge Raad uit 2016, waarin is geoordeeld dat het forfaitaire stelsel van box 3 als zodanig toelaatbaar is.

Overzicht:

  • Schadeclaims oude vakantiedagen

    Schadeclaims oude vakantiedagen

    Het Hof van Justitie EU heeft in 2009 geoordeeld dat de door Nederland gehanteerde beperkte opbouw van vakantiedagen bij langdurige ziekte in strijd is met de Europese Arbeidstijdenrichtlijn. Die beperkte opbouw hield in dat een langdurig zieke werkn... Lees verder »
  • Btw-vrijstelling watersport is niet correct

    Btw-vrijstelling watersport is niet correct

    Volgens de rechtspraak van het Hof van Justitie EU is een nationale wettelijke regeling, die in afwijking van de btw-richtlijn bepaalde handelingen vrijstelt van btw, in strijd met de richtlijn. De Wet op de omzetbelasting bevat een vrijstelling voor... Lees verder »
  • Naheffing privégebruik tweede auto van de zaak

    Naheffing privégebruik tweede auto van de zaak

    Wanneer een werkgever een auto ter beschikking stelt aan een werknemer geldt de wettelijke fictie dat de terbeschikkingstelling ook betrekking heeft op gebruik voor privédoeleinden. Er moet een aan de waarde van de auto gerelateerde bijtelling bij h... Lees verder »
  • Wettelijke bedenktijd na beëindiging met wederzijds goedvinden

    Wettelijke bedenktijd na beëindiging met wederzijds goedvinden

    Een arbeidsovereenkomst kan eindigen door opzegging door een van de partijen of met wederzijds goedvinden. Beëindiging met wederzijds goedvinden moet schriftelijk worden vastgelegd, bijvoorbeeld in een beëindigingsovereenkomst. Die voorwaarde ... Lees verder »
  • Aftoppingsgrens pensioenopbouw en deeltijdwerk

    Aftoppingsgrens pensioenopbouw en deeltijdwerk

    De mogelijkheden om fiscaal vriendelijk pensioen op te bouwen zijn beperkt tot een pensioengevend loon van € 101.519 (bedrag voor 2016). Over een eventueel hoger loon kan niet met gebruikmaking van fiscale faciliteiten pensioen worden opgebouwd. Ge... Lees verder »