Actueel

Concurrentiebeding blijft overeind bij opzegging in proeftijd
Een concurrentiebeding beperkt een werknemer in zijn mogelijkheden om na het einde van zijn dienstbetrekking elders werkzaam te zijn. Om die reden is een dergelijk beperkend beding alleen geldig als de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is aangegaan en het beding schriftelijk is overeengekomen met een meerderjarige werknemer.
Een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd bevatte een proeftijd van twee maanden. Daarnaast bevatte de arbeidsovereenkomst een concurrentiebeding. Het concurrentiebeding verbood de werknemer om binnen één jaar na beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst bij een concurrent van de werkgever te werken, op straffe van een boete. Binnen de proeftijd werd de arbeidsovereenkomst door de werknemer opgezegd. De werkgever deelde de werknemer mee, dat het concurrentiebeding ook na opzegging tijdens de proeftijd zou gelden. De werknemer trad aansluitend in dienst bij een concurrent van de werkgever. De werknemer verzocht in kort geding om opheffing van het concurrentiebeding. De rechter kende dat verzoek niet toe, maar beperkte het concurrentiebeding wel tot een periode van drie maanden, gelet op de korte duur van de arbeidsovereenkomst. De rechter maakt duidelijk dat het concurrentiebeding voldeed aan de daaraan gestelde eisen en dus geldig was. Opzegging van de arbeidsovereenkomst tijdens de proeftijd heeft geen gevolgen voor de geldigheid van het beding.
Overzicht:

Opzegging wegens bereiken pensioengerechtigde leeftijd
Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen kan de werkgever de arbeidsovereenkomst opzeggen in verband met of na de dag waarop de werknemer de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt of waarop de werknemer de voor hem geldende, van de AOW-gerechtigd... Lees verder »
Kwijtscheldingswinst terbeschikkingstelling
Het aanhouden van een vordering op een BV, waarin de geldverstrekker een aanmerkelijk belang heeft, valt onder het begrip werkzaamheid van de Wet IB 2001. Een regresvordering uit een borgstelling door een aanmerkelijkbelanghouder voor een schuld van ... Lees verder »
Herziening VAR
Een belastingplichtige, die zekerheid wilde over zijn arbeidsrelatie, kon een verzoek indienen bij de Belastingdienst. De Belastingdienst besliste op het verzoek met de afgifte van een verklaring arbeidsrelatie (VAR). De belastingplichtige diende een... Lees verder »
Voorziening voor verlies uit borgstelling
Het rendabel maken van vermogenbestanddelen, waaronder het verstrekken van geldleningen door een aanmerkelijkbelanghouder aan de BV waarin hij een aanmerkelijk belang heeft, vormt een werkzaamheid voor de inkomstenbelasting.De dga van een BV ver... Lees verder »
Geen verjonging verlies uit aanmerkelijk belang
Een negatief inkomen in box 2, dat is een verlies uit aanmerkelijk belang, kan worden verrekend met positieve inkomens in box 2. Wanneer de belanghebbende geen aanmerkelijk belang meer heeft, wordt op zijn verzoek een nog niet verrekend verlies uit a... Lees verder »

