Actueel

Loonkostenvoordelen en lage-inkomensvoordeel 2018
Loonkostenvoordelen (LKV)
LKV is een nieuwe regeling ter vervanging van de premiekortingen. LKV zijn een tegemoetkoming voor werkgevers die een of meer oudere werknemers en/of werknemers met een arbeidsbeperking vanuit een uitkeringssituatie in dienst nemen of houden. Voorwaarde voor het ontvangen van LKV is een kopie van de doelgroepverklaring van de werknemer.
De regeling kent vier doelgroepen:
- oudere werknemers (56 jaar en ouder);
- arbeidsbeperkte werknemers, die nieuw in dienst komen;
- werknemers uit de doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden;
- arbeidsbeperkte werknemers, die worden herplaatst.
Voor het recht op LKV moet de werknemer aan alle voorwaarden van de doelgroep voldoen en een doelgroepverklaring LKV hebben aangevraagd bij het UWV. De hoogte van LKV is afhankelijk van de doelgroep van de werknemer.
| Doelgroep | LKV per verloond uur | Maximum per jaar |
| Oudere werknemers (56 jaar en ouder) | € 3,05 | € 6.000 |
| Arbeidsbeperkte werknemers die nieuw in dienst komen | € 3,05 | € 6.000 |
| Arbeidsbeperkte werknemers die herplaatst worden | € 3,05 | € 6.000 |
| Werknemers uit de doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden | € 1,01 | € 2.000 |
LKV over 2018 worden in 2019 uitbetaald.
Lage-inkomensvoordeel (LIV)
Werkgevers die werknemers met een laag loon in dienst hebben, kunnen recht hebben op een tegemoetkoming in de loonkosten, het lage-inkomensvoordeel. Het LIV over 2018 wordt in 2019 uitbetaald. Het LIV geldt voor een werknemer met een gemiddeld uurloon tussen 100% en 125% van het wettelijk minimumloon, die ten minste 1.248 uur heeft gewerkt en die de AOW-gerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt. Het aantal gewerkte uren geldt ook voor een werknemer die slechts een deel van het kalenderjaar werkt. Het uurloon wordt berekend door het jaarloon te delen door het aantal verloonde uren. Het LIV geldt ook voor werknemers die jonger zijn dan 23 jaar indien zij aan de overige voorwaarden voldoen.
Voor 2018 gelden de volgende bedragen:
- voor werknemers met een gemiddeld uurloon tussen € 9,82 en € 10,81 bedraagt het LIV € 1,01 per uur tot een maximum van € 2.000 per werknemer per jaar;
- voor werknemers met een gemiddeld uurloon tussen € 10,81 en € 12,29 bedraagt het LIV € 0,51 per uur tot een maximum van € 1.000 per werknemer per jaar.
Het LIV wordt door het UWV berekend aan de hand van gegevens uit de ingediende loonaangiften en uit de polisadministratie.
Jeugd lage-inkomensvoordeel (Jeugd-LIV)
Ter compensatie van de verhoging van de minimumjeugdlonen voor 18- tot 21-jarigen en de verlaging van de leeftijdsgrens voor het volledige minimumloon van 23 naar 22 jaar heeft een werkgever met ingang van 1 januari 2018 recht op het Jeugd-LIV. Het Jeugd-LIV geldt voor werknemers die:
- verzekerd zijn voor één of meer werknemersverzekeringen;
- een gemiddeld uurloon hebben dat hoort bij het wettelijk minimumloon voor hun leeftijd; en
- op 31 december 2017 18, 19, 20 of 21 jaar oud zijn.
Het gemiddeld uurloon is het jaarloon uit tegenwoordige dienstbetrekking gedeeld door het aantal verloonde uren. Niet tot het jaarloon behoren WGA-uitkeringen die een eigenrisicodragende werkgever aan een werknemer betaalt, WAO-, WIA- en WW-uitkeringen die de werkgever namens het UWV aan de werknemer betaalt en ziektewetuitkeringen die de werkgever als eigenrisicodrager na afloop van de dienstbetrekking aan de ex-werknemer betaalt.
Het Jeugd-LIV is afhankelijk van de leeftijd.
| Leeftijd op 31 december 2017 | Jeugd-LIV per verloond uur | Maximaal Jeugd-LIV per jaar |
| 18 jaar | € 0,23 | € 478,40 |
| 19 jaar | € 0,28 | € 582,40 |
| 20 jaar | € 1,02 | € 2.121,60 |
| 21 jaar | € 1,58 | € 3.286,40 |
Het Jeugd-LIV wordt in 2019 automatisch op de bankrekening van de werkgever gestort. Het Jeugd-LIV kan samengaan met andere loonkostenvoordelen.
Overzicht:

Staatssecretaris kondigt reparatie aftrek kosten werkkamer in huurwoning aan
De Hoge Raad heeft onlangs geoordeeld dat een huurrecht van een woning met een werkruimte ondernemingsvermogen kan zijn als de woning voor meer dan 10% zakelijk wordt gebruikt. Dit arrest heeft niet alleen gevolgen voor ondernemers, maar ook voor men... Lees verder »
Deelname omzetbelastingfraude verhindert toepassing vertrouwensbeginsel
Een ondernemer, die wist of had moeten weten dat hij deelnam aan omzetbelastingfraude in een keten van leveringen of diensten, heeft geen recht op aftrek of teruggaaf van daarmee samenhangende omzetbelasting. Wanneer komt vast te staan dat de onderne... Lees verder »
Schenking op papier heeft soms ongewenste gevolgen
Een schenking kan niet alleen worden gedaan door geld of goederen te overhandigen, maar ook “op papier”. Dat gebeurt door bedragen schuldig te erkennen en over het schuldig gebleven bedrag rente te betalen. Een schenking op papier kan in een onde... Lees verder »
Verlenging subsidieregelingen voor ondernemers
De minister van Economische Zaken is van plan om een aantal subsidieregelingen voor ondernemers te verlengen. Het gaat om de regeling seed capital technostarters, de borgstellingsregeling mkb-kredieten, de regeling groeifaciliteit en de garantieregel... Lees verder »
Ontbinding arbeidsovereenkomst na twee jaar arbeidsongeschiktheid
De minister van Sociale zaken en Werkgelegenheid heeft vorig jaar Kamervragen beantwoord over het niet beëindigen van een arbeidsovereenkomst na afloop van de verplichte loondoorbetalingsperiode bij ziekte. Werkgevers kiezen ervoor om de arbeidsover... Lees verder »

