Actueel

Bewijs van beperkt privégebruik auto
Wanneer door de werkgever een auto aan een werknemer ter beschikking wordt gesteld, gaat de wet ervan uit dat de auto ook voor privédoeleinden ter beschikking is gesteld. Dat betekent dat er een bijtelling bij het inkomen moet plaatsvinden, tenzij blijkt dat op jaarbasis met de auto niet meer dan 500 privékilometers zijn gereden. Het bewijs kan worden geleverd met behulp van een rittenregistratie. Op verzoek geeft de Belastingdienst aan een werknemer een verklaring geen privégebruik af. Die verklaring ontslaat de werknemer niet van de bewijslast, maar ontslaat de werkgever wel van de verplichting om de bijtelling bij het loon van de werknemer te doen. In de Uitvoeringsregeling loonbelasting is aangegeven aan welke eisen een rittenregistratie moet voldoen om als bewijs te kunnen dienen. Het gaat om de volgende gegevens:
- merk, type en kenteken van de auto;
- periode van terbeschikkingstelling van de auto;
- per rit:
a. datum;
b. beginstand en eindstand van de kilometerteller;
c. beginadres en eindadres;
d. de gereden route, indien deze afwijkt van de meest gebruikelijke; en
e. het karakter (zakelijk of privé) van de rit.
Een rittenregistratie moet sluitend zijn en nauwkeurig worden bijgehouden. Garagenota's van onderhoud en reparatie kunnen dienen als aanvullend bewijs, ter onderbouwing van de rittenregistratie.
De rechtbank Den Haag accepteerde een achteraf opgestelde rittenregistratie niet. Volgens de rechtbank was de rittenregistratie te onnauwkeurig om als overtuigend bewijs te kunnen dienen. De overgelegde registratie gaf geen volledig beeld van de gereden ritten, routes en afstanden. Ander bewijs dan de rittenregistratie had de werknemer niet. Zijn verklaring dat hij pertinent niet privé met de auto heeft gereden is geen bewijs, evenmin als de omstandigheid dat de werknemer ook een eigen auto had.
Overzicht:

Einde terbeschikkingstelling
De verhuur van een pand aan een vennootschap door iemand die in die vennootschap een aanmerkelijk belang heeft, is een werkzaamheid die wordt belast in box 1. Die werkzaamheid eindigt op het moment waarop niet langer sprake is van een aanmerkelijk be... Lees verder »
Terbeschikkingstelling wordt onderneming
De terbeschikkingstellingsregeling van box 1 van de Wet IB 2001 omvat onder andere het ter beschikking stellen van onroerende zaken aan de onderneming van de echtgenoot. Wanneer de eigenaar van deze onroerende zaken toetreedt in een VOF waarin de ond... Lees verder »
Afroommethode als geen vergelijkbaar loon kan worden gevonden
De gebruikelijkloonregeling geldt voor aandeelhouders die werken voor een vennootschap waarin zij een aanmerkelijk belang hebben. Voor hun werkzaamheden moeten zij tenminste een gebruikelijk loon genieten. Dat is het loon dat aan werknemers zonder aa... Lees verder »
Verkoopopbrengst van invloed op eerdere waardering
De waarde van verhuurde onroerende zaken, die in box 3 van de Wet IB 2001 vallen, moet worden gesteld op de waarde in het economische verkeer.De Belastingdienst legde aan een eigenaar van een aantal verhuurde panden navorderingsaanslagen inkomstenbel... Lees verder »
Schadevergoeding wegens beëindiging loonsanctie
Werkgevers zijn verplicht om het loon van werknemers tijdens ziekte door te betalen. Deze loondoorbetalingsplicht eindigt in beginsel na 104 weken ziekte. De periode van verplichte loondoorbetaling kan worden verlengd met 52 weken bij wijze van sanct... Lees verder »

