Actueel

Onterecht opgelegde loonsanctie

Onterecht opgelegde loonsanctie

Wanneer een werknemer arbeidsongeschikt is heeft de werkgever de verplichting om het loon door te betalen. Die verplichting geldt gedurende de eerste twee jaren van de arbeidsongeschiktheid. De werkgever moet tijdens de arbeidsongeschiktheid van een werknemer de re-integratie van de werknemer in het arbeidsproces bevorderen. Doet de werkgever dat onvoldoende dan kan het UWV hem als straf een verlenging van de loondoorbetalingsverplichting opleggen. Deze loonsanctie geldt voor een periode van een jaar.

Een werkgever bestreed de aan hem opgelegde loonsanctie omdat hij van mening was dat hij voldoende inspanningen had verricht om de werknemer te re-integreren. De werkgever baseerde zich op een op zijn verzoek door het UWV gegeven deskundigenoordeel, waarin een arbeidsdeskundige op basis van rapporten van de bedrijfsarts de verrichte re-integratie-inspanningen voldoende vond. Ook was er een later rapport van een arbeidsdeskundige en een sociaal-medisch advies waarin de maximale belastbaarheid van de werknemer op zestien uur per week werd gesteld. De werkgever had de werknemer voor dat aantal uren herplaatst in een andere functie.

Volgens de Centrale Raad van Beroep mag een werkgever in beginsel uitgaan van de juistheid van een deskundigenoordeel waarin zijn re-integratieinspanningen als voldoende zijn aangemerkt. De opmerking in het rapport dat het oordeel is gebaseerd op door de bedrijfsarts van de werkgever vastgestelde beperkingen van de werknemer is niet een duidelijk voorbehoud op grond waarvan de werkgever er rekening mee had moeten houden dat zijn inspanningen bij een latere beoordeling als onvoldoende zouden kunnen worden aangemerkt. De Centrale Raad van Beroep was van oordeel dat in dit geval ten onrechte een loonsanctie was opgelegd.

Overzicht:

  • Eindejaarstips particulieren

    Eindejaarstips particulieren

    Heeft u een pensioentekort?Als u een pensioentekort heeft, zijn de premies die u betaalt voor een lijfrenteverzekering en/of de inleg voor banksparen aftrekbaar. Het aftrekbare bedrag in 2017 is maximaal 13,8% van de premiegrondslag. Om de aftrekruim... Lees verder »
  • Vermogenstoets zorgtoeslag 2018

    Vermogenstoets zorgtoeslag 2018

    Het recht op zorgtoeslag is niet alleen inkomensafhankelijk, maar ook vermogensafhankelijk.Met ingang van 1 januari 2018 hebben verzekerden met een vermogen boven het heffingvrije vermogen van meer dan € 83.415 geen recht op de zorgtoeslag. In 2017... Lees verder »
  • Nota van wijziging afschaffing landbouwregeling

    Nota van wijziging afschaffing landbouwregeling

    De staatssecretaris van Financiën heeft een nota van wijziging ingediend op het wetsvoorstel ter afschaffing van de landbouwregeling in de btw. In de nota wordt het in het wetsvoorstel opgenomen overgangsrecht versoepeld. Door de aanpassing hoeven l... Lees verder »
  • Afschaffing aftrek geen of geringe eigenwoningschuld

    Afschaffing aftrek geen of geringe eigenwoningschuld

    Een fiscaal wetsvoorstel dat tot veel commotie leidt is de voorgenomen afschaffing van de aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld. Deze regeling staat bekend als de wet Hillen of de Hillen-aftrek. De regeling houdt in dat geen bijtelling van ... Lees verder »
  • Extra kosten kleding en beddengoed

    Extra kosten kleding en beddengoed

    De Wet IB 2001 bevat een opsomming van aftrekbare uitgaven wegens ziekte of invaliditeit. Naast kosten van medische behandeling gaat het om kosten voor extra gezinshulp, op medisch voorschrift gehouden diëten en kosten van extra kleding en beddengoe... Lees verder »